2[1].png

Doelstelling

Het kennis laten maken met een nieuwe sport en hen hier vaardiger in maken.

Materialenpakket

10 Voetballen (mint groen)

2 Voetbaldoellen

20 Pionnen

5 Lintjes

1 Ballennet

Les 1 

Doelstelling van de les
Deelnemers kennis laten maken met voetbal door middel van verschillende spellen en daarmee hun individuele kwaliteit verbeteren.

Materialen

1 pion per leerling

1 bal per 2 leerlingen

1 hoepel

2 banken

Blokjes

Warming-up spel
Pionnenspel: De leerlingen maken tweetallen en ga tegenover elkaar staan met een pion voor zich die ondersteboven staat. De pionnen staan op 10 meter afstand van elkaar. Het doel is om de pion van de ander om te schieten.

Differentiaties

  • Moeilijker: zet de pionnen verder uit elkaar/gebruik blokjes.

  • Makkelijker: Zet de pionnen dichter bij elkaar.

  • Wissel vaker van tegenstander en houd je scoren bij.

  • Maak er een toernooi van.

  • Maak er een afvalrace van.

Plattegrond

Leskern

Dribbelparcours: Je kan het parcours zelf vormgeven. Een voorbeeld: Slalom door de pionnen, schiet tegen de muur of bank en neem de bal weer aan, dribbel naar de volgende pion en maak er een rondje omheen, maak een bocht om de hoepel en dribbel naar het matje, speel de bal over het matje en ren zelf aan de zijkant van het matje opnieuw naar de bal.

Regels en aandachtspunten

Regels:

  • Houdt genoeg afstand op je voorganger, begin pas als degene voor jou om de eerste bocht van het vierkant is.

  • Inhalen mag als de instructeur dit aangeeft.

  • Ga de bal niet schieten door de zaal en er vervolgens achter aan rennen. Hij blijft aan je voet.

 

Aanwijzingen

  • Geef de bal zachte tikjes met de wreef van de voet om hem dichtbij je te houden.

  • Kijk niet recht onder je, maar voor je zodat je zowel de bal als het parcours blijft zien.

  • Niet te snel gaan in het begin. Ga sneller als het dribbelen beter gaat

Differentiatie en plattegrond

  • Houdt de tijd van de leerlingen bij. Wie kan het snelst het parcours afleggen?

  • Maak de afstand tussen de pionnen bij het slalommen groter (makkelijker) of kleiner (moeilijker)

  • Maak de afstand tot de bank met passen groter (moeilijker) of kleiner (makkelijker)

  • Zet een parcours die je met tweetallen moet afleggen. Gebruik hier bij materialen waarbij je de bal overheen/onderdoor moet passen naar je medespeler.

  • Leg het parcours achterwaarts af. De bal speel je door hem steeds onder je voet mee te nemen.
     

Eindspel (uitleg activiteit)

Blokjes toren bouwen; De leerlingen pakken allemaal een blokje en zoeken een plekje in de zaal uit. Je mag je blokje alleen ergens binnen de (meestal gele) volleybalveld lijnen zetten. Zo is er nog genoeg ruimte tussen de blokjes en de muur om te voetballen. Het doel van het spel is om iemands blokje om te schieten terwijl je je eigen blokje moet verdedigen. Schiet je iemands blokje om? Dan mag je 1 blokje van hem/haar pakken en op jouw blokje zetten.


Differentiaties en plattegrond

  • Differentiatie:

  • Moeilijker: meerdere ballen gebruiken

  • Speel een afvalrace: als je blokje omver geschoten is, ben je uit het spel.

  • Speel in tweetallen per blokje
     

 

Algemene warming up

De deelnemers vormen en tweetal en krijgen samen 1 bal. Laat de leerlingen overspelen over een bepaalde afstand. De pass kan varieren tussen een lange pass, korte pass of hoge pass. Loop langs de deelnemers en kijk goed welke er tips nodig hebben, zodat ze de juiste techniek kunnen aanleren.

Wanneer het passen beter gaat moeten ze afwisselen van been met hun pass en aanname. Dit om de 2 benigheid te stimuleren.

Les 2 

Doelstelling van de les
De deelnemers hebben aan het einde van de clinic ervaren hoe een partij volgens de juiste reglementen gespeeld dient te worden.

Materialen

6 pionnen

1 bal per 4 kinderen

Doeltjes (turnmatjes)

4 tot 6 banken (of ander materiaal om veldjes mee af te bakenen)

Lintjes
 

Warming-up spel
Lummelen; De deelnemers proberen, in groepjes van 4 of 5 de bal over te passen met de binnenkant van de voet. De lummel probeert de bal te onderscheppen. Als de lummel de bal onderschept, wisselt hij met degene die de bal heeft verspeeld.

Differentiaties

  • Makkelijker: speel met meerdere deelnemers/maak de afstand kleiner.

  • Moeilijker: speel met meerdere lummels/maak de afstand groter.

Plattegrond

Leskern
Er proberen 2 deelnemers met een bal langs een verdediger door een vak te dribbelen. De verdediger probeert zoveel mogelijk ballen uit het vak te tikken. Aan de zijkant zijn twee gangen waardoor je vrij terug kan lopen.

Regels en aandachtspunten

Regels:

  • Je moet dribbelend door het vak gaan, dus niet in keer de bal doorspelen.

  • Als je te lang blijft twijfelen om het vak binnen te treden, telt de instructeur af. Binnen de tijd moet je het vak betreden.

 

Aanwijzingen:

  • Betreed het vak met zijn alle tegelijk, dit maakt het voor de verdediger het lastigst om alle ballen te onderscheppen.

  • Probeer de verdediger voorbij te spelen met een schijnbeweging.

  • Geef de bal zachte tikjes met de wreef van de voet om hem dichtbij je te houden.

  • Kijk niet recht onder je, maar voor je zodat je zowel de bal als het vak en de verdediger blijft zien.

Differentiatie en plattegrond

  • Makkelijker: meer spelers door het vak laten lopen/ vak groter maken.

  • Moeilijker: minder spelers door het vak laten lopen/ meer verdedigers in het vak zetten.

  • Met 1 bal spelen, je moet dus overspelen om door het vak te komen

Eindspel (uitleg activiteit)

Speel een partijspel 3 vs 3 zonder keeper. Je kan er voor kiezen om 3 of 6 teams te maken en steeds te rouleren. Of 4 of 6 teams en op twee/drie velden laten spelen.

 

Differentiaties en plattegrond

 

  • meer/minder spelers per team

  • spelen met een wisselspeler

  • veld groter/kleiner maken

  • kiezen voor een bank als doel

  • een x aantal keer moeten overspelen voordat er gescoord wordt

 

Les 3 

Doelstelling van de les
De deelnemers kunnen aan het einde van de clinic de kennis die ze hebben opgedaan in de voorgaande clinics vertalen in een partijspel.

Materialen

12 pionnen

1 bal per 4 kinderen

Doeltjes (turnmatjes)

4 tot 6 banken (of ander materiaal om veldjes mee af te bakenen)

Lintjes

Warming-up spel
Estafette; Dribbel met de bal zo snel als mogelijk, slalom tussen de pionnen door, keer om de pion heen en ga terug. Geef de bal over aan de volgende in de rij. Het team dat als eerste helemaal rond is geweest, heeft gewonnen.

Differentiaties

  • Speel het spel in 2, 3 of 4 teams.

  • Speel omstebeurt en houdt de tijd bij, wie is er het snelst?

  • Voeg extra obstakels toe, bijvoorbeeld een hoepel waar ze omheen moeten draaien of een bank waar ze met de bal overheen moeten.

  • Laat de deelnemers de bal terugpassen van een bepaalde lijn die bepaald is door de instructeur.

Plattegrond

Afbeeldingen Voetbal (6)_edited.jpg

Leskern (uitleg activiteit)

Werk in groepjes van 4. Er zijn 3 aanvallers en 1 verdediger. De aanvallers kunnen scoren door de bal stil te leggen achter de lijn. De 3  aanvallers hebben een bal en proberen voorbij de verdediger te komen door middel van samenspelen. Als de aanvallers 3 keer zijn geweest, wisselt de verdediger met een van de aanvallers.
 

Regels en aandachtspunten

Regels:

  • Geen slidings.

  • Geen fysiek contact.

  • Niet met je handen.

  • Als de verdediger de bal onderschept en uit het veld speelt, ben je af.

 

Aanwijzingen:

  • Ga tegelijk proberen om met de bal over de lijn te komen, dit maakt het voor de verdediger het lastigst om alle ballen te onderscheppen.

  • Probeer de verdediger voorbij te spelen met een schijnbeweging.

  • Geef de bal zachte tikjes met de wreef van de voet om hem dichtbij je te houden.

  • Kijk niet recht onder je, maar voor je zodat je zowel de bal als het vak en de verdediger blijft zien.

Differentiaties

Differentiaties:

  • Verander de aantal; 4 tegen 3 of 2 tegen 1.

  • spelen met een wisselspeler

  • veld groter/kleiner maken

  • Voeg een verdediger toe om het de aanvallers moeilijker te maken

Afbeeldingen Voetbal (7)_edited.jpg

Eindspel (uitleg activiteit)

Partijspel: Verdeel de teams in gelijke teams en maak veldjes met banken en matjes als doeltjes. Kijk of het mogelijk is om op meerdere veldjes te spelen.

 

Differentiaties en plattegrond

  • meer/minder spelers per team

  • spelen met een wisselspeler

  • veld groter/kleiner maken

  • kiezen voor een bank als doel

  • een x aantal keer moeten overspelen voordat er gescoord wordt

Afbeeldingen Voetbal (5)_edited.jpg
 

Les 4: 

Doelstelling van de les
Deelnemers hebben aan het einde van de clinic ervaren hoe het is om met spanning en emotie om te gaan die komen kijken bij het spelen van een toernooi.

Materialen

Doeltjes (turnmatjes)

4 tot 6 banken (of ander materiaal om veldjes mee af te bakenen)

Lintjes

Leskern (uitleg activiteit)
Maak 4 teams van elk minimaal 3 spelers. De deelnemers gaan een toernooi tegen elkaar spelen. Ze spelen elk 3 wedstrijden circa 10 minuten. Aan het einde van de clinic wordt een winnaar aangewezen.

Regels en aandachtspunten

Regels:

  • Geen slidings.

  • Geen fysiek contact.

  • Niet met je handen.

  • Als de bal uit gaat, krijgt de tegenpartij een intrap.

  • Er wordt zonder keeper gespeeld.


Aanwijzingen:

  • Probeer snel over te spelen, niet te lang met de bal aan je voet blijven staan.

  • Verdeel je energie over de gehele wedstrijd.

  • Geef het aan als je pijn hebt.

  • Schiet op doel als je de kans hebt.

Differentiaties en plattegrond

Differentiaties:

  • Verander de aantal; 4 tegen 4 of 5 tegen 5.

  • spelen met een wisselspeler.

  • veld groter/kleiner maken.

Afbeeldingen Voetbal (5)_edited.jpg

Voorbeeld toernooischema

Afbeeldingen Basketbal (7).png
 

Terug naar les ...

Kinderen die Voetbal spelen

Vragen of opmerkingen? Neem contact op met Tom!

Ludios

Sport, Spel & Groei

Het platform voor een passend sport en spel aanbod